Posts tonen met het label innovatiekrediet. Alle posts tonen
Posts tonen met het label innovatiekrediet. Alle posts tonen

donderdag 26 maart 2015

HAVENDIJK BEGELEIDT HERFINANCIERING ATTEMA

HAVENDIJK BEGELEIDT HERFINANCIERING ATTEMA

Attema is een ambitieuze ontwikkelaar en producent van innovatieve kunststofoplossingen. Deze zijn onder te verdelen naar de marktsegmenten: Installatie, Bouw, Infra en Special Products. Het motto van Attema is
“VERNIEUWENDE IDEEËN VOOR ‘N VERANDERENDE WERELD”
Voor meer informatie zie: www.attema.com
Martijn Boer en Pieter Lit waren vanaf het begin bij het traject betrokken en adviseerden de directie van Attema m.b.t. de strategie en de condities van de herfinanciering.
Ton de Hoog, algemeen directeur van Attema: “Eind vorig jaar had ik contact met Martijn Boer over de herfinanciering van Attema. Ik besloot om HAVENDIJK te vragen ons te adviseren en ben buitengewoon tevreden over het gelopen traject. De bank heeft uiteindelijk na diverse onderhandelingsronden het eerste voorstel van HAVENDIJK bijna volledig gevolgd. Het traject werd gekenmerkt door kennis van zaken, professionaliteit en betrokkenheid van beide heren”


vrijdag 9 mei 2014

Let bij overnames op met onzakelijke leningen

    
Bij structurering van een overname dient aandacht besteed te worden aan het fenomeen 'onzakelijke leningen'. Deze lening is namelijk in beginsel niet aftrekbaar van de winst.
 
Bij de overname van ondernemingen wordt meestal uitgegaan van het positieve, namelijk dat de overname een succes wordt. Een groot aantal bedrijfsovernames wordt uiteindelijk echter geen succes. Het is dus verstandig om er ook over te denken wat de fiscale consequenties zijn als de overname niet wordt wat er van verwacht wordt. Als het misgaat, dan zou het wenselijk kunnen zijn dat het geleden verlies toch fiscaal aftrekbaar is.

Onzakelijke leningen
Om een (snelle) afwaardering van een mislukte overname fiscaal mogelijk te maken werd in het verleden het overnamelichaam (Newco) door de overnemer bij voorkeur maximaal gefinancierd met vreemd vermogen. Op het moment dat de overname dan tegenviel, kon de lening door de overnemer ten laste van het fiscale resultaat worden gebracht.

Op basis van de jurisprudentie is het vanaf 2008 duidelijk dat in geval er door gelieerde partijen onderling een risicovolle lening werd verschaft, dat een eventueel verlies op een dergelijke lening niet aftrekbaar was van de fiscale winst. Mede vanwege het onduidelijke criterium voor de 'onzakelijke lening' - er moet sprake zijn van een zodanig risico dat een derde geen genoegen zou nemen met een 'normale rente' - is er voor de toekomst nog heel wat rechtspraak over deze problematiek te verwachten.

Structurering
Een overnemer doet er dus goed aan om er even over na te denken wat een verstandige structurering is van de overname. De Newco enkel financieren met (achtergesteld) vreemd vermogen betekent een fors risico van een discussie met de Belastingdienst over onzakelijke leningen als de vordering wordt afgewaardeerd. Naarmate Newco met meer eigen vermogen gefinancierd wordt, zal dat risico afnemen.

Overigens is er recent ook positief nieuws voor de overnamepraktijk verschenen in de jurisprudentie, met name voor investeerders. De Hoge Raad heeft daarin namelijk uitgemaakt dat er geen sprake is van een onzakelijke lening als de investeerder op het moment van verschaffing van de lening nog geen aandeelhouder was en door de leningverstrekking aandeelhouder wordt en verder de meerderheid van de overige aandeelhouders, die de meerderheid van de aandelen hebben, geen geldlening verstrekken.

Conclusie
Bij structurering van een overname dient aandacht besteed te worden aan het fenomeen 'onzakelijke leningen'. Een onzakelijke lening is in beginsel niet aftrekbaar van de winst. Door een juiste wijze van structurering kan fiscaal nog steeds verlies worden genomen op leningen. Bron Brookz.
Meer weten:
 
 
Partner en Consultant HAVENDIJK Overname Financiering Strategie Corporate Finance, Bedrijfsovernames, Bedrijfsoverdracht Waarderingen, Strategie
 
 
 
 

dinsdag 10 december 2013

Derde familiebedrijven ziet nu kans op verkoop bedrijf

Een derde van de Nederlandse familiebedrijven vindt het een goed moment om de zaak te verkopen. Dat schrijft het FD op basis van een rapport dat het ING Economisch Bureau, de universiteit Nyenrode en FBNed vandaag publiceren.
 
De belangrijkste aanleiding om een bedrijf te verkopen is het bereiken van de pensioenleeftijd. Voor grotere bedrijven is het ook belangrijk dat kinderen de zaak goedkoper kunnen overnemen. Dat schrijft Katinka Jongkind, econoom bij het ING Economisch Bureau.
Door de laagconjunctuur worden bedrijven lager gewaardeerd, waardoor overnemende kinderen een lagere prijs betalen. Bij één op de tien bedrijfsoverdrachten wordt er een korting gegeven vanwege de famileband. De korting ligt tussen 15% en 30% van de overnamesom. Dit zien de onderzoekers met name terug bij grotere bedrijven. Kleinere familiebedrijven, waarbij de overdrachtopbrengst het pensioen van de verkoper vormt, verkopen tegen de hoogst mogelijke prijs.
 
Een op de vijf ondervraagde bedrijven wil de zaak binnen de komende vijf jaar verkopen. Het familiebedrijf wordt niet altijd verkocht aan de kinderen, maar 75% van de tweehonderd ondervraagde bedrijven heeft een voorkeur voor verkoop binnen de familie. Die verhouding komt ook terug in de de bedrijfsoverdrachten van de afgelopen vijf jaar.
 
Iets minder dan de helft van de bedrijven ervaart de juridische en fiscale moeilijkheden details als een groot knelpunt bij een bedrijfsverkoop. Ook vinden verkopers het proces vaak lang duren. Financiering wordt niet vaak genoemd als probleem. Dat gebeurt met eigen middelen in combinatie met bijvoorbeeld een achtergestelde lening of bankfinanciering.
 
 
In de meerderheid van de bedrijfsoverdrachten (83%) hebben de aandeelhouders ook de leiding in het bedrijf. Toch is het niet zo dat kinderen van zijn klaargestoomd voor de leiding aan het familiebedrijf,. In eerste instantie maken veel kinderen carrière buiten het bedrijf en kiezen ze later alsnog voor het familiebedrijf.’
 
 
 

vrijdag 13 januari 2012

Innovatiefonds voor vernieuwende mkb'ers


Vernieuwende ondernemers in het mkb, maar ook ondernemingen die groter zijn, kunnen sinds 1 januari een beroep doen op het Innovatiefonds MKB+. Deze vernieuwers die door banken vaak als risicovol worden gezien en daardoor hun kredietaanvraag vaker afgewezen zien worden, kunnen door het fonds sneller hun financiering rond krijgen.

dinsdag 6 december 2011

Het borgstellingskrediet van de overheid geeft staatsgarantie aan MKB kredieten waardoor moeilijke financieringen nog steeds mogelijk zijn.

Het borgstellingskrediet van de overheid geeft staatsgarantie aan MKB kredieten waardoor moeilijke financieringen nog steeds mogelijk zijn. Uit de praktijk blijkt dat banken weer streng zijn geworden en dat zonder externe financiering zeer lastig is geworden.

donderdag 18 februari 2010

72 miljoen voor Innovatiekrediet in 2010

72 miljoen euro voor Innovatiekrediet in 2010

Dit jaar stelt het ministerie van Economische Zaken 72 miljoen euro beschikbaar voor de regeling ‘Innovatiekrediet’. Van dit bedrag is 24 miljoen euro bestemd voor duurzame ontwikkelingsprojecten bij grotere bedrijven. De regeling wordt uitgevoerd door Agentschap NL. MKB-bedrijven of startende ondernemingen die een nieuw product, proces of een nieuwe dienst ontwikkelen kunnen een beroep doen op het Innovatiekrediet om een deel van de ontwikkelingskosten te financieren. In 2010 is hier 48 miljoen euro voor beschikbaar, waarvan 16 miljoen specifiek voor zogenaamde klinische ontwikkelingsprojecten. Dit zijn projecten waarin medicijnen, medische apparaten of diagnostiek wordt ontwikkeld, die klinisch getest moeten worden. De resterende 32 miljoen euro is beschikbaar voor alle overige technische ontwikkelingsprojecten. UitbreidingDit jaar is de regeling Innovatiekrediet uitgebreid. In 2010 is het ook voor grotere bedrijven (bedrijven groter dan het MKB, o.a. meer dan 250 medewerkers) mogelijk om krediet aan te vragen voor duurzame technische ontwikkelprojecten. Hiervoor is 24 miljoen euro beschikbaar gesteld. Een duurzaam technisch ontwikkelingsproject is gericht op producten, processen of diensten, die een lagere belasting vormen voor het milieu. Het kan gaan om bijvoorbeeld: het gebruik van minder grondstoffen, het gebruik van hernieuwbare grondstoffen, het beperken van het energieverbruik of het benutten van duurzame energiebronnen. Aanvragen voor deze duurzame technische ontwikkelingsprojecten kunnen worden ingediend in de periode vanaf 1 januari tot en met 1 juli 2010 bij Agentschap NL. Het budget wordt op volgorde van binnenkomst verdeeld. Met de uitbreiding en het ‘normale’ Innovatiekrediet, komt het totale budget op 72 miljoen euro. Innovatiekrediet.

Het Innovatiekrediet heeft als doel bestaande en startende ondernemingen financieel te ondersteunen bij de uitvoering van technische of klinische ontwikkelingsprojecten. Het gaat hierbij om projecten waarin innovatieve producten, processen of diensten worden ontwikkeld met een goed marktperspectief. Ontwikkelingsprojecten vanaf 300.000 euro worden ondersteund. De kredietverstrekking heeft als maximum 35% (voor MKB) en 25% (voor niet MKB) van de projectkosten en bedraagt maximaal vijf miljoen euro. Het krediet is risicodragend: als de ontwikkeling mislukt, kan het krediet worden kwijtgescholden.