Posts tonen met het label MKB. Alle posts tonen
Posts tonen met het label MKB. Alle posts tonen

maandag 16 december 2013

Ontwikkelingsfonds in Zuid Holland

Eindelijk een ontwikkelingsfonds in Zuid Holland

InnovationQuarter: Invest & Innovate
Investeren en innoveren in Zuid-Holland
Het doel van InnovationQuarter is versterking van de concurrentiekracht van Zuid-Holland door innovatieve bedrijven te ondersteunen en te financieren. Kansen voor innovatie liggen vooral op de sterke sectoren zoals Clean Tech, Life Sciences & Health, Safety & Security, High tech en Hortitech. Een participatiefonds van €28 miljoen komt vanaf begin 2014 beschikbaar voor ondernemers in de regio.

Het bedrag is minimaal € 100.000 en maximaal € 2,5 mln.


InnovationQuarter integreert de organisaties: Kennisalliantie en SciencePort Holland per 1 januari 2014.

Achtergrond:
Op termijn volgt aansluiting met de WestHolland Foreign Investment Agency (WFIA). Nauwe samenwerking start met regionale clusterinitiatieven waaronder Clean Tech Delta, Medical Delta en The Hague Security Delta. Alle activiteiten zijn gericht op het gemeenschappelijke doel: versterken van de innovatie- en concurrentiekracht van Zuid-Holland.
  • InnovationQuarter gaat de slagkracht van de regio verhogen door de versnippering tegen te gaan. Diverse initiatieven werken aan economische groei van Zuid-Holland, maar veelal op een deelterrein. InnovationQuarter bouwt voort op het succes van deze organisaties en voegt activiteiten samen om het bereik te vergroten en efficiënter te opereren richting ‘de klant’: het regionale bedrijfsleven.
  • De regio Zuid-Holland is de economische motor van Nederland: bedrijvigheid in tal van sectoren, een hoogstaand onderzoeks- en onderwijsklimaat en enkele wereldberoemde spelers. Het economische succes van Zuid-Holland is niet vanzelfsprekend. De regio weet haar potentieel niet volledig te benutten en wordt in innovatieve slagkracht voorbij gestreefd door andere regio’s in binnen- en buitenland.
  • InnovationQuarter is een initiatief van het Ministerie van Economisch Zaken, de Provincie Zuid-Holland, Rotterdam, Den Haag, Leiden, Delft, Dordrecht, Westland, TU Delft, Universiteit Leiden, het Leids Universitair Medisch Centrum en het Erasmus Medisch Centrum.

Voor advies bij bedrijfsfinancieringen bel HAVENDIJK Overname Financiering Strategie op 0183 630 005 en vraag naar Martijn Boer.

HAVENDIJK is gespecialiseerd in bedrijfsovernames, -financieringen en -strategie.

De meeste ondernemers maken een bedrijfsoverdracht slechts eenmaal in hun leven mee. 
Vanaf de eerste oriëntatie tot en met de overname begeleiden wij kopers of verkopers bij dit ingrijpende proces. Bij voorkeur acteren wij als regisseur in het gehele proces maar desgewenst staan wij de ondernemer bij op onderdelen als:
1. Bedrijfsanalyse
2. Waardeanalyse
3. Informeren en selecteren van kandidaat (ver)kopers
4. Onderhandelingen en intentieovereenkomst
5. Bedrijfsonderzoek (due diligence)
6. Overnamefinanciering
7. Koopovereenkomst 

Bij bedrijfsfinancieringen kijken we naar de ondernemer en diens bedrijf door het oog van de financier. Hierbij onderscheiden we de volgende onderdelen:
1. Analyse financieringsstructuur
2. Haalbaarheidsonderzoek (her)financiering
3. Opstellen financieringsrapport
4. Onderhandelingen met financiers

Naast bedrijfsovernames en –financieringen zijn de ervaren partners van HAVENDIJK gespecialiseerd in het begeleiden van startende en gevestigde ondernemers op strategisch gebied en met reorganisaties en crisismanagement (Recovery)

Wij zijn met vier ondernemers werkzaam. Ik ben geregistreerd RAB® adviseur (www.rabregister.nl) en werkzaam als waarderingsdeskundige voor de rechtbank Dordrecht. Gecertificeerd lid van de Brancheorganisatie Bedrijfsoverdracht Bemiddelaars (BOBB). Tevens ben ik lid van Ondernemersvereniging Industriele Kring Gorinchem (IKG), VNO NCW West, Werkgevers Drechtsteden, Unitas Business Club, Meerbusiness en De Ronde Tafel Gorinchem. 

Een vrijblijvend afspraak is zo gemaakt. Neem contact op en bel ons algemene nummer op 0183 630 005 of mail info@havendijk.nl of bel direct op 06 57 99 87 81 of mail martijn.boer@havendijk.nl 

HAVENDIJK leidt ondernemers naar de toekomst.





dinsdag 8 januari 2013

Europa subsidieert krediet voor mkb

Europa subsidieert krediet voor mkb

 
De Europese Investeringsbank stelt geld beschikbaar aan banken om goedkope leningen aan het mkb te verstrekken.

1 ING gaat geld van de Europese Investeringsbank (EIB) uitlenen?
‘Ja. Het gaat om € 200 mln. De EIB leent het ons tegen een gereduceerd tarief. Wij geven het rentevoordeel volledig door aan de bedrijven in Nederland, België en Luxemburg die kredieten uit het potje krijgen. Het voordeel bedraagt circa 0,6%. ING Bank heeft sinds 2009 op deze manier al € 750 mln aan middelgrote en kleine bedrijven geleend.’

2 Aan welke voorwaarden moet een bedrijf voldoen?
‘Het gaat om bedrijven met maximaal 250 medewerkers. Ze moeten de lening gebruiken om een investering te financieren. Er kan dus geen geld worden geleend voor bijvoorbeeld een herfinanciering. De omvang van de lening bedraagt maximaal € 12,5 mln. De looptijd van een lening is minstens twee en maximaal tien jaar.’

3 Is er veel belangstelling voor deze regeling?
‘Ja. De accountmanagers van ING Bank brengen de regeling actief onder de aandacht van onze klanten. Geïnteresseerde bedrijven kunnen zich het beste snel melden. Op is natuurlijk wel op.’ BRONFD

vrijdag 12 oktober 2012

Krediet voor MKB-ers wordt duurder en schaarser


De verhoging van de bankenbelasting zal vooral door het Midden- en Kleinbedrijf gevoeld worden. Kredietverlening wordt duurder, aldus ABN Amro
 Dat stelt Hans Hanegraaf, algemeen directeur Bedrijven bij ABN Amro, vrijdag, in Het Financieele Dagblad.
De bankenbelasting is afgelopen mei, als onderdeel van het Lente-Akkoord, door de Tweede Kamer verhoogd naar 600 miljoen euro. Over kortlopende schulden moeten banken 0,044 procent belasting gaatn betalen en over langlopende schulden 0,022 procent.
 Eén en ander kost ABN Amro volgens Hanegraaf 100 miljoen euro per jaar. Het gevolg is dat er minder kan worden uitgeleend aan MKB-bedrijven en dat de tarieven waartegen ABN Amro uitleent omhoog gaan, aldus de bankier. Eerder wezen ING en Rabobank al op de negatieve gevolgen voor bedrijven en consumenten.
 Hanegraaf zegt verder dat de bank al ver is met het reorganiseren van de afdeling van de bank die zich richt op klanten met een omzet kleiner dan 30 miljoen euro.
 Veel ondernemers klaagden in het verleden over het feit dat hun accountmanager wel heel vaak wisselde. "Accountmanagers wisselen minder snel van positie", stelt Hanegraaf in de krant. Daarnaast hoeft een accountmanager nu nog maar 40 in plaats van 400 MKB-klanten te bedienen.
 Bank strenger met kredietaanvragen
Hanegraaf geeft tegenover het FD aan, dat de bank strenger kijk naar kredietaanvragen, en bijvoorbeeld commercieel vastgoed niet meer tot 90 procent van de waarde gaat financieren voor ondernemers, zoals in het verleden wel is gebeurd.
 ABN Amro heeft een marktaandeel van 25 procent op de markt voor financiering van het Midden- en Kleinbedrijf, stelt Hanegraaf. Circa 15 procent van de MKB-portefeuille valt onder de afdeling Bijzonder Beheer, waar risicogevallen worden ondergebracht. "Zij helpen 85 procent van de bedrijven er weer bovenop", aldus de ABN Amro-directeur tegenover het FD. Wel voorziet de bank een toename van de voorzieningen voor probleemgevallen. Bron nu.nl

.

maandag 21 mei 2012

Overnemers verschillen beduidend van starters.


Overnemers verschillen beduidend van starters. Dit blijkt uit onderzoek van dr. Lex van Teeffelen van Hogeschool Utrecht onder het Ondernemerspanel van de Kamer van Koophandel. Die verschillen zitten hem niet alleen in ervaring en achtergrond, maar ook in persoonlijkheid. Uit het onderzoek blijkt tevens dat bij beide typen andere factoren bepalend zijn voor de (omzet)groei van hun bedrijf.

vrijdag 27 april 2012

Bedrijfsfinanciering? Laat uw businessmodel bedrijfskundig bekijken.



Een financieringsaanvraag wordt tegenwoordig veel strenger beoordeeld dan jaren terug. Dit is geen nieuws en eigenlijk ook wel terecht.

donderdag 9 februari 2012

Waarom een MBI’er het juiste bedrijf soms niet vindt



Een MBI-kandidaat staat voor de uitdaging om het juiste bedrijf te vinden. Dit is een van de meest kritische onderdelen van het overnameproces: veel overnamepogingen stranden hier. Meestal komt dit omdat de MBI-kandidaat niet de juiste manier van zoeken heeft gekozen of onvoldoende focus en uithoudingsvermogen heeft.

dinsdag 24 januari 2012

Door borgstellingskrediet BMKB meer financieringen mogelijk


In de huidige economische crisis valt het voor met name startende en snel groeiende ondernemers niet mee om aan de juiste financiering te komen. De banken zijn terughoudener geworden en vragen vaak meer zekerheid voor te verstrekken leningen. Het Ministerie van Economische Zaken heeft daarom de bestaande regeling voor het Borgstellingskrediet verhoogd van 50% naar 80%. Hierdoor is het voor banken aantrekkelijker om krediet te verstrekken aan het midden en kleinbedrijf.

vrijdag 21 oktober 2011

Wat is uw bedrijf waard?


Dit begint met een beeld te krijgen van de waarde van uw bedrijf. Wij vergelijken de marges met uw eigen bedrijf en met de branche. De resultaten worden door ons genormaliseerd door ze te corrigeren voor incidentele baten en lasten. http://www.mkb-bedrijfsovernames.nl/

dinsdag 4 oktober 2011

Kopers over de streep trekken met immateriële zaken

Kopers over de streep trekken met immateriële zaken


In veel gevallen vindt een overnemende partij het wenselijk dat de kennis en ervaringen en de netwerken van de huidige directeur op een goede manier worden overgedragen. Maar hoe moet u zoiets aanpakken met immateriële (en daardoor vaak ongrijpbare) zaken?

maandag 12 september 2011

Limiet op aftrekbare rente bij bedrijfsoverdracht

De overnamemarkt in het MKB wordt gedupeerd door de harde lijn die het kabinet wil inzetten tegen 'sprinkhanengedrag' van buitenlands private equity en hedgefondsen.

dinsdag 6 september 2011

Uitgestelde betaling bij overdracht; de earn out-regeling

Uitgestelde betaling bij overdracht; de earn out-regeling
Om tot financiële overeenstemming te komen over de verkoop van een onderneming, is één van de mogelijkheden de earn out-regeling. Een earn-out is in feite een uitgestelde betaling bij de overdracht. De uiteindelijke verkoopprijs voor de onderneming is afhankelijk van toekomstige resultaten.

dinsdag 9 augustus 2011

Strijd om het financieren van MKB-bedrijfsovernames

Bron FD.

Nederlandse banken in hevige strijd met elkaar
Banken in Nederland tuimelen over elkaar heen om overnames van kleine bedrijven te financieren. Zij overbieden elkaar met soepele voorwaarden, waardoor meer transacties mogelijk worden en de overnameprijzen licht stijgen.

'De Nederlandse overnamemarkt biedt aantrekkelijke rendementen ten opzichte van de risico's'. Dit blijkt uit een rondgang van Het Financieele Dagblad langs fusieadviseurs en beheerders van private-equityfondsen. Het beeld wordt ook bevestigd in een onderzoeksrapport van NautaDutilh waarin een Nederlandse bankier rept van een 'vechtersmarkt'.

De slag om de bedrijfsovernames hangt samen met de gewijzigde marktpositie van Nederlandse grootbanken. Deze trekken zich meer terug op de nationale markt, waar tegelijk een groeiend aantal buitenlandse banken actief is waaronder RBS en Deutsche Bank.

'Door het opknippen van de grootbanken zijn de banken minder gemakkelijk in staat multinationals te bedienen, terwijl de binnenlandse overnamemarkt aantrekkelijke rendementen biedt ten opzichte van de risico's', zegt fusieadviseur Adse de Kock van Holland Corporate Finance. De ruimere financiering geeft de Nederlandse overnamemarkt een flinke impuls. Het aantal deals met een waarde tot 50 miljoen euro is in de eerste helft van 2011 met 60% gestegen. De Kock weet van een recente verkoop van een technische groothandel waarbij ING en Rabobank een verbeten strijd voerden om de transactie te verzorgen. De boerenleenbank trok aan het langste eind, omdat de koper al een langdurige relatie had met deze bank.

De sterke onderlinge concurrentie maakt het voor kopers van bedrijven mogelijk te onderhandelen over de financieringscondities. Investeerders kunnen meer lenen ten opzichte van het brutobedrijfsresultaat (ebitda) dan tijdens de kredietcrisis, leert de ervaring van de laatste maanden.

donderdag 7 april 2011

Wat is een achtergestelde lening?

Een achtergestelde lening is een krediet waarbij de schuldeiser in geval van faillissement van de schuldenaar wordt achtergesteld. De achtergestelde schuldeiser komt in de volgorde van schuldeisers achter de concurrente (gewone) schuldeisers zoals de Belastingdienst, de banken en de crediteuren, en heeft slechts voorrang ten opzichte van de aandeelhouders, vennoten of inbrengers.

Overnamesituaties
De achtergestelde lening komt veel voor in overnamesituaties. Potentiële kopers van bedrijven beschikken doorgaans over onvoldoende eigen middelen en de kredietcrisis veroorzaakte een terughoudende opstelling bij de banken om overnames te financieren.

Vaak wordt een beroep gedaan op de verkoper om een gedeelte van de koopsom in het bedrijf te laten als achtergestelde lening. Dit maakt een totale financiering mogelijk. Wel moet worden bedacht dat de financiële betrokkenheid van de verkoper na de overdracht complicaties kan oproepen.

De verkoper maakt door het verstrekken van een achtergestelde lening zijn persoonlijke financiële toekomst mede afhankelijk van de prestaties van zijn opvolger. Meestal heeft de verkoper ook geen stem meer bij de bepaling van het beleid. Is dat wel het geval, dan dreigt een ander probleem, namelijk een conflict tussen de verkoper en zijn opvolger. Het is dus zaak zowel de financiële (voorwaarden, duur) als operationele afspraken goed te regelen en vast te leggen.

Hogere rente
Door de positie 'achter in de rij' loopt de verstrekker van een achtergestelde lening een hoger risico dat hij de hoofdsom of een gedeelte daarvan niet terugziet. In ruil daarvoor wordt vaak een hoger rentepercentage bedongen. De rente kan ook winstafhankelijk zijn.

Achtergestelde leningen kunnen in bepaalde gevallen worden gerekend tot het eigen vermogen. Dat leidt tot betere vermogensverhoudingen, iets wat de mogelijkheid tot additionele verstrekking van vreemd vermogen door banken en investeerders weer verruimt.


Voor vragen kunt u mij bellen op 06 – 5799 8781 of mailen op martijn.boer@havendijk.nl

Met ruim 12 jaar praktijkervaring in bedrijfsovernames, bedrijfsfinancieringen en Corporate Finance, gecombineerd met mijn academische en bedrijfskundige achtergrond ben ik optimaal inzetbaar bij:

* bedrijfsfinancieringen incl. herstructuring en recovery
* bedrijfsoverdracht, overname en aankoop en verkoop bedrijf
* bedrijfswaarderingen
* strategische businessplannen
* business coach / klankbord voor de ondernemer

Ik ben lid van divers instanties, te weten: Brancheorganisatie Bedrijfsoverdracht Bemiddelaars (BOBB), Industriele Kring Gorinchem (IKG), VNO NCW West, Werkgevers Drechtsteden, Unitas Business Club, Meerbusiness en De Ronde Tafel Gorinchem.

Ik ben zelf ondernemer en met onze succesvolle aanpak scoren wij ondanks de crisis nog altijd 100% op de uitgewerkte financieringsaanvragen en bedrijfsoverdrachten!

Neem vrijblijvend contact op en bel 06 57 99 87 81.

Bron: http://www.ondernemingsbeurs.nl/
SpecialtiesOndernemingsplannen, business cases, bedrijfswaardering ondernemingsstrategie, financieringsplannen, financieringsbehoefte, investeringsvraagstukken, bedrijfsfinanciering, bedrijfskrediet, recovery, revisies, liquiditeitstekorten, startplannen, bedrijfsovernames, acquisities, fusies, MBO's, MBI's, familiebedrijven, bedrijfsopvolging, doorstart, groei, expansie, MKB, interim management, management support, crisismanagement, reorganisaties, bedrijfskrimp. DGA's.

vrijdag 18 maart 2011

Familiebedrijven gebaat bij externe opvolging

Familiebedrijven staan over het algemeen positief tegenover opvolging door niet-familieleden in de directie en zijn van mening dat het voortbestaan niet in gevaar komt. De familie behoudt echter wel graag de zeggenschap. Dat blijkt uit een rondgang van Boer & Croon en Boekel De Nerée onder bestuursleden van zo’n 40 familiebedrijven met een minimale omzet van € 20 miljoen en een bericht op Ondernemingsbeurs.

Ruim driekwart (76 procent) van de bestuurders van familiebedrijven denkt dat externe opvolging zorgt voor een frisse blik op de organisatie. Uit de rondgang (51 procent) komt ook naar voren dat bestuursopvolging binnen de familie niet noodzakelijk is voor het voortbestaan van het bedrijf. Bovendien zou dit niet-familieleden binnen het bedrijf juist motiveren. Voor 65 procent van de ondervraagden is het niet noodzakelijk dat bestuursopvolging plaatsvindt binnen het familiebedrijf, zolang de familie de zeggenschap maar houdt, terwijl 30 procent dit wel wenselijk acht.

Externe kwaliteit belangrijker
De kwaliteit van de kandidaat is belangrijker dan familiebanden. Familiebedrijven worden steeds professioneler. Wanneer de familie geen geschikte opvolgingskandidaat biedt, kiest zij liever voor externe kwaliteit en regelt zij de zeggenschap op een andere manier. Bedrijven realiseren zich dat wanneer opvolging binnen de familie niet goed mogelijk is, dit niet het eind van het familiebedrijf hoeft te betekenen. Zeggenschap kan immers op diverse manieren worden geregeld. Via aandeelhouderschap, maar ook via een Stichting Administratiekantoor (STAK) of door familieleden zitting te laten nemen in de Raad van Commissarissen (RvC).

Risico’s en kansen externe bestuurder
Een externe bestuurder brengt volgens de ondervraagde bestuurders ook risico’s met zich mee. Maar liefst 62 procent van de ondervraagden is bang voor het feit dat de familiewaarden en het familiekarakter van de onderneming verloren gaan. Andere risico ’s zijn volgens hen het korte termijndenken van de directie (30 procent), het gebrek aan motivatie van de externe bestuurder (27 procent) en het feit dat de familie zich minder betrokken voelt wanneer een externe bestuurder aan het roer staat (27 procent). Maar de ondervraagden zien ook kansen bij een externe bestuurder. Er komt een frisse blik op de zaak en de onderneming zal op deze wijze zich kunnen voorbereiden op fusie en overnames. Zes op de tien bedrijven (59 procent) pleiten voor een RvC waarin personen van buiten de familie zitting hebben. Smits: Het mooie van een RvC is dat je hierin goede externen én familieleden zitting kunt laten nemen. Het advies is om een externe kandidaat te benoemen die affiniteit heeft met de praktijk van familiebedrijven. Een familiebedrijf is immers een bijzonder bedrijf.

vrijdag 11 maart 2011

Waardebepaling van uw onderneming

Op basis van toekomstige verdiencapaciteit zijn er 2 methoden om de waarde van een bedrijf te bepalen.

1. Discounted cashflow (DCF)
De DCF-methode blikt naar de toekomst en dan met name, de naam zegt het al, naar de kasstromen. Dat is niet voor niks. Belangrijker nog dan de winst – wat ’slechts’ een boekhoudkundig begrip is en dus manipuleerbaar – is de cashflow van een onderneming. Want alleen als er voldoende middelen de onderneming binnenstromen, is deze in staat om aan zijn verplichtingen te voldoen. En cash is een objectief begrip.

Bij de DCF-methode worden toekomstige geldstromen in kaart gebracht, vaak voor een periode van drie of vijf jaar omdat die periode te overzien is. De jaren daarna wordt het bedrijf geacht stationair te draaien. Deze periode heet de ‘restperiode’. De kasstromen worden ingeschat op basis van het businessplan en alle andere relevante gegevens die van de onderneming bekend zijn. Voor ieder jaar worden de inkomende kasstromen verrekend met uitgaande geldstromen, waarbij de financieringslasten en dividenduitkeringen buiten beschouwing blijven. Op die manier wordt duidelijk hoeveel ‘vrije kasstromen’ overblijven om leningen af te lossen, rente te betalen en de aandeelhouders te belonen voor hun inspanningen. Vaak worden drie scenario’s opgesteld: een worst case, een normal case en een best case scenario.

De DCF-methode biedt duidelijke voordelen. Het gaat uit van de toekomstige situatie en alleen die is relevant voor een koper. Ook gaat de methode uit van kasstromen en niet van (manipuleerbare) winstcijfers. Richting banken is een DCF berekening waardevol omdat zij bij het toekennen van leningen veel belang hechten aan toekomstige cashflows. Een ander voordeel is dat op basis van een DCF-rapport een zinvolle discussie kan worden gevoerd over de uitgangspunten van een onderneming.

2. Financierbaarheid
Een ander vertrekpunt is niet de waarde van de onderneming, maar de financierbaarheid van de koopsom. Op basis van uw eigen middelen en de prognoses voor de komende jaren kan een ervaren intermediair prima inschatten hoeveel u ongeveer kunt lenen bij de bank. Hiermee heeft u een plafond tot waar u kunt gaan. Komt u tot ongeveer anderhalf miljoen euro, terwijl de vraagprijs drie miljoen bedraagt, dan hoeft u de onderhandeling niet eens te starten. Is het verschil een paar ton, dan is dit mogelijk uit te onderhandelen of te overbruggen door een achtergestelde lening van de verkoper. Een bank waardeert een bedrijf niet bij een financieringsaanvraag, maar let vooral op de cashflows: kunt u de rente en aflossing betalen? Als een bank niet bereid is te financieren is dat een indicatie dat de prijs weleens hoger zou kunnen zijn dan de daadwerkelijke waarde van de onderneming.


U kunt mij direct contacten op 06 57 99 87 81 o. Door mijn jarenlange ervaring en kennis van bedrijfsovernames en financieringen gecombineerd met mijn bedrijfskundige achtergrond, ben ik inzetbaar als adviseur bij bedrijfsovernames, financieringen, businessplannen en als klankbord voor u als ondernemer.

woensdag 23 februari 2011

Fase na de bedrijfsovername

Ondernemers die ooit een bedrijf hebben gekocht weten het: een bedrijfsovername begint pas echt wanneer de juridische overdracht is voltooid. De bedrijfsvoering en financiën moeten worden doorgelicht, klanten en leveranciers bezocht en de werknemers geïnformeerd. Veel van deze zaken zijn praktisch of commercieel van aard. Toch sta ik graag even stil bij de juridische kant van deze aspecten, en zeker in verhouding tot de overnameovereenkomst.

Managementstijl
Vaak heeft de Verkoper garanties afgegeven over zaken die na de overdracht onder de verantwoordelijkheid van de Koper vallen. Hierbij kun je denken aan bijvoorbeeld het aanblijven van klanten of essentiële personeelsleden. Als een klant of werknemer na de overname aangeeft te willen of zullen vertrekken, is een Koper vaak te druk met het ontwikkelen van het recent gekocht bedrijf om de onder druk staande relatie met de klant/werknemer de aandacht te geven die deze op dat moment verdient.
En een Koper zal al helemaal geen tijd hebben om deze ontwikkelingen met de Verkoper te delen of te bespreken. In een eventuele juridische procedure, kan dit gebrek aan nazorg een Koper duur komen te staan.
Wanneer de gerezen situatie resulteert in een daadwerkelijk vertrek van de klant/werknemer, zal een Koper - daarbij ingefluisterd door zijn kostbare adviseurs - in die situatie wel onmiddellijk bij de Verkoper op de stoep staan om de geleden schade vergoed te krijgen. Het gevolg: een eindeloze, zeer kostbare en niet te winnen discussie over de reden van vertrek. Lag het aan de overname zelf, of aan de stijl van managen van de Koper?

Bedrijfsoverdracht
Het beste advies: behandel je wederpartij zoals je zelf behandeld zou willen worden. Een Verkoper wordt over het algemeen graag betrokken bij de overdracht van de bedrijfsvoering, een bezoek aan een belangrijke klant of een gesprek met een essentiële werknemer. Een Koper zal hier zeker om moeten vragen om de Verkoper in de gelegenheid te stellen zijn schade te beperken. Een Koper wordt daarentegen graag in zijn waarde gelaten ten aanzien van de zakelijke keuzes die hij maakt. Een Verkoper zal dit moeten respecteren. Als deze gesprekken vervolgens goed worden vastgelegd, ontstaat een veel betere uitgangspositie in een eventuele procedure.

Kortom, blijf na de overname in gesprek met je wederpartij. Het verkleint de kans op schade, verbetert je positie in een eventuele procedure.

U kunt mij direct contacten op 06 57 99 87 81 of martijn.boer@havendijk.nl

www.havendijk.nl

donderdag 17 februari 2011

Eigen inbreng bij MBO/MBI belangrijk

Inzetten van uw eigen middelen voor de overname is onontkoombaar. Als u zelf al niet bereid bent om risico’s te lopen, waarom zou een bank het dan wel doen? Banken, maar ook andere financiers en investeerders, willen dat u maximale commitment toont. Ze willen dat u pijn lijdt als het misloopt, want alleen dan zult u zich maximaal inspannen om van het overgenomen bedrijf een succes te maken.Een koper die zich niet financieel committeert, kan zomaar in de verleiding komen om een leuke baan in loondienst te aanvaarden en zijn bedrijf vaarwel te zeggen. Financiers en investeerders hebben daar vanzelfsprekend geen trek in.

De hoogte van de eigen inbreng is relatief. Een koper die met het omkeren van het spaarvarken van zijn kinderen en met de spreekwoordelijke overwaarde op de caravan 50.000 euro bij elkaar sprokkelt en bereid is dit volledig in te zetten, zet meer op het spel dan een koper die een miljoen op z’n rekening heeft staan en maar een ton wil investeren. Geen enkele bank zal een koper helemaal leeg willen schudden, maar een koper zal wel een significant deel van zijn vermogen moeten inzetten.

De eigen middelen zijn meestal niet noodzakelijk om de transactie rond te krijgen. Doorgaans brengen kopers tussen de 50.000 en 200.000 euro aan eigen geld in. Op een overnamesom van vijf miljoen is dat een klein bedrag. De praktijk leert dat een bank bij een heel mooie deal bereid is om van de eigen inbreng af te zien, maar dit is echt een uitzondering. De belangrijkste bronnen voor de eigen inbreng zijn:

* spaarrekeningen
* aandelenpakketten
* de overwaarde op de eigen woning.



U kunt mij direct contacten op 06 57 99 87 81 of martijn.boer@havendijk.nl

www.havendijk.nl

donderdag 10 februari 2011

Eigen inbreng bij Management Buy Out

Inzetten van uw eigen middelen voor de overname is onontkoombaar. Als u zelf al niet bereid bent om risico’s te lopen, waarom zou een bank het dan wel doen? Banken, maar ook andere financiers en investeerders, willen dat u maximaal commitment toont. Ze willen dat u pijn lijdt als het misloopt, want alleen dan zult u zich maximaal inspannen om van het overgenomen bedrijf een succes te maken.Een koper die zich niet financieel committeert, kan zomaar in de verleiding komen om een leuke baan in loondienst te aanvaarden en zijn bedrijf vaarwel te zeggen. Financiers en investeerders hebben daar vanzelfsprekend geen trek in.

De hoogte van de eigen inbreng is relatief. Een koper die met het omkeren van het spaarvarken van zijn kinderen en met de spreekwoordelijke overwaarde op de caravan 50.000 euro bij elkaar sprokkelt en bereid is dit volledig in te zetten, zet meer op het spel dan een koper die een miljoen op z’n rekening heeft staan en maar een ton wil investeren. Geen enkele bank zal een koper helemaal leeg willen schudden, maar een koper zal wel een significant deel van zijn vermogen moeten inzetten.

De eigen middelen zijn meestal niet noodzakelijk om de transactie rond te krijgen. Doorgaans brengen kopers tussen de 50.000 en 200.000 euro aan eigen geld in. Op een overnamesom van vijf miljoen is dat een klein bedrag. De praktijk leert dat een bank bij een heel mooie deal bereid is om van de eigen inbreng af te zien, maar dit is echt een uitzondering. De belangrijkste bronnen voor de eigen inbreng zijn:

* spaarrekeningen
* aandelenpakketten
* de overwaarde op de eigen woning.

U kunt mij direct contacten op 06 57 99 87 81 of martijn.boer@havendijk.nl

dinsdag 7 december 2010

Bedrijfsopvolging aantrekkelijk door Successiewet

Bedrijfsopvolging aantrekkelijk door Successiewet 'Fiscaal interessant om bedrijf door te schuiven'

De nieuwe Successiewet maakt bedrijfsopvolging interessanter en is het fiscaal interessant om bedrijf door te schuiven. Het is fiscaal gezien nu aantrekkelijker om een bedrijf door te schuiven naar de volgende generatie.

Ondernemingsvermogen
De vrijstelling is omhooggetrokken naar een miljoen euro en voor de waarde daarboven geldt een vrijstelling van 83 procent. Maar tegelijkertijd pakt de wet ook minder gunstig uit. Er wordt veel specifieker gekeken naar wat ondernemings- of beleggingsvermogen is.

Want die vrijstelling geldt alleen voor ondernemingsvermogen. 'Heeft iemand een onderneming met beleggingsvermogen, dan kunnen de faciliteiten niet van toepassing zijn. De inkomsten- en erfbelasting kan daardoor oplopen tot 40 procent.

Bedrijfsstructuur
Omdat de nieuwe Successiewet grote financiële gevolgen heeft voor estate planning, doen ondernemers er verstandig aan om te laten controleren wat er precies door hen geregeld is. Een check van de huwelijkse voorwaarden en het testament mag daarin niet ontbreken.

Voor een ondernemer is het ook slim om te laten uitzoeken of de bestaande structuren nog wel goed uitpakken bij de nieuwe regels. Dat luistert heel nauw. Vooral de structuren waarbij cumulatief preferente aandelen een rol spelen, moeten onder de loep worden genomen.

maandag 29 november 2010

Borgstelling op financiering gewild

Aantal gebruikmakende MKB'ers groeit in derde kwartaal

MKB'ers maken vaker gebruik van de garantieregelingen van de overheid voor het verkrijgen van financiering bij de bank.

Borgstelling op financiering gewild
De borgstellingen vanuit de overheid zijn gewild, blijkt uit een derde kwartaalrapportage van minister Maxime Verhagen van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I) aan de Tweede Kamer. De regelingen zijn bedoeld om bedrijven eenvoudiger toegang te geven tot krediet, nadat de banken terughoudender zijn geworden in hun kredietverlening.

Garantieregelingen
In het derde kwartaal van 2010 hebben bijna 1.000 mkb'ers een beroep gedaan op de Borgstellingsregeling MKB (BMKB) voor een bedrag van ongeveer 200 miljoen euro. Daarmee staat de teller van het totale aantal bedrijven die dit jaar gebruikmaken van de BMKB op 2.612 voor een borgstelling van 527 miljoen euro. EL&I verwacht dat deze regeling op een recordbenutting van circa 735 miljoen euro uitkomt.

Ook de Garantie Ondernemingsfinanciering (GO) laat een forse stijging zien. De regeling voor middelgrote en grote bedrijven werd in de maanden juli, augustus en september door 32 bedrijven gebruikt voor een totaalbedrag van ruim 160 miljoen euro. Over de eerste drie kwartalen verleende EL&I voor 413,6 miljoen euro borgstellingen uit de GO aan 91 ondernemingen.

U kunt mij direct contacten op 06 57 99 87 81 of martijn.boer@havendijk.nl

www.havendijk.nl