Posts tonen met het label bedrijven te koop. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bedrijven te koop. Alle posts tonen

zaterdag 4 maart 2017

Overnameprijzen nemen hoge vlucht

Overnameprijzen nemen hoge vlucht

Overnameprijzen nemen hoge vlucht
De prijzen die ondernemingen betalen voor overnames zijn gestegen tot het hoogste niveau sinds de internetboom eind jaren 90. Dat is een teken van vertrouwen, zeggen bankiers, maar ook een risico dat kopers hun investeringen niet kunnen terugverdienen wanneer de economische groei tegenvalt en op termijn financieel in de knel komen.

De historisch lage rente en aantrekkende economie hebben niet alleen de volumes in de fusie- en overnamemarkt opgedreven tot niveaus die na het faillissement van zakenbank Lehman Brothers in 2008 niet meer zijn gezien. Cijfers van dataleverancier Dealogic laten zien dat bedrijven wereldwijd nu gemiddeld ruim twaalf keer de brutowinst neertellen om hun prooi in te lijven, het hoogste prijsniveau in vijftien jaar. In de VS ligt de gemiddelde overnamesom zelfs op meer dan veertien keer de brutowinst, terwijl de zogeheten 'multiple' in Europa op vlak onder de twaalf blijft steken. Ook gemeten naar de premies die bij acquisities worden betaald op de beurskoers (wereldwijd gemiddeld zo'n 25%) zijn de overnamesommen relatief hoog.

Hoogte bedrijfswinsten
'De bedrijfswinsten zijn redelijk op peil gebleven in de voorbije crisisjaren, dus ondernemingen hebben veel cash nu de economische vooruitzichten verbeteren', zegt Vincent Oomes, partner bij Deloitte en adviseur bij multinationals. 'Bovendien kunnen bedrijven gemakkelijk en goedkoop lenen door de lage rente, eigenlijk precies zoals in 2007. Kortom, er is veel geld op jacht naar een beperkt aantal deals. Dat drijft de prijzen op.'

Veel ondernemingen hebben gewacht tot de economie voorzichtig aantrok om eerder gemaakte overnameplannen uit te voeren, stelt hoogleraar corporate finance en governance Kees Cools. 'Maar dan ben je vaak al te laat. Het risico is dat overnames te duur worden betaald en er op termijn scherpe kostenbesparingen nodig zijn om de investering alsnog terug te verdienen.'


Bron: Kooiman, J., 13 april 2015, Bedrijven betalen weer grof voor overnames, fd.nl.

dinsdag 14 april 2015

Overnamemarkt op stoom



Meer dan de helft van alle grotere bedrijven is van plan de komende twaalf maanden van plan een grotere of kleinerebedrijfsovername te doen.
Dit blijkt uit de halfjaarlijkse peiling Global Capital Confidence Barometer, van accountancybureau EY onder meer dan 1600 bestuurders in 54 landen. Daarmee ligt de interesse voor fusies en overnames momenteel weer op het hoogste niveau sinds 2010. Vorig jaar werd voor meer dan 3 biljoen dollar aan deals aangekondigd, het drukste jaar aan het overnamefront sinds 2007.

Hogere overnameprijzen

Uit een recent onderzoek van dataleverancier Deallogic blijkt dat ook de overnameprijzen in de lift zitten. De prijzen die ondernemingen betalen voor bedrijfsovernames zijn gestegen tot het hoogste niveau sinds de internetboom eind jaren 90. Wereldwijd wordt er nu gemiddeld ruim twaalf keer de brutowinst betaald om een bedrijf over te nemen. In de VS ligt de gemiddelde overnamesom zelfs op meer dan veertien keer de brutowinst, terwijl in Europa de multiple onder de twaalf blijft steken.
Het gaat hier met name om beursgenoteerde bedrijven, de multiples voor (Nederlandse) MKB-bedrijven liggen met 4 á 5 keer Ebitda aanmerkelijk lager. Bron:brookx.

donderdag 22 maart 2012

Veel ondernemers stellen bedrijfsverkoop nog even uit


MKB-overnamemarkt voorzichtig


Nederlandse ondernemers en adviseurs zijn dit jaar minder optimistisch over de vooruitzichten voor de MKB-overnamemarkt dan in 2011.

dinsdag 7 februari 2012

Hoe vind ik een investeerder?



Privé-investeerders voorzien een ondernemer idealiter niet alleen van geld, maar ook van kennis. Hoe vind je deze ‘droom-informals’? Wij helpen de ondernemer bij deze zoektocht. neem contact op met martijn.boer@cmenp.nl of bel 0657998781

dinsdag 27 december 2011

10 succesfactoren bij bedrijfsopvolging

 10 succesfactoren bij bedrijfsopvolging volgens de ScoreCard Opvolging.

• Nieuwe rol voor overdrager

• Capabele en gemotiveerde opvolger

• Goede relatie tussen overdrager en opvolger

• Goede familierelaties

donderdag 27 oktober 2011

MKB-overnamemarkt op de rem. Financiering van overnames voornaamste struikelblok

Nederlandse ondernemers en investeerders verwachten dat de opleving in de eerste helft van 2011 op de Nederlandse overnamemarkt in het midden- en kleinbedrijf (MKB) van korte duur was.

dinsdag 5 april 2011

Herstel van overnames in MBK

Nederlandse ondernemers en investeerders verwachten dit jaar een breed gedragen herstel van de overnamemarkt voor MKB-bedrijven.

Nu de overnamemarkt zich weer structureel herstelt, melden verkopende ondernemers zich weer massaal op de markt. Dat is de voornaamste conclusie van de Brookz Overname Barometer. Aan de enquête deden 243 Nederlandse ondernemers, investeerders en adviseurs mee.

Bedrijfsovernames
Een overgrote meerderheid (79,7 procent) is optimistisch over het aantal bedrijven dat dit jaar in de etalage komt te staan. Slechts een kleine 3 procent vermoedt dat de neerwaartse lijn in het aanbod van ondernemingen ook in 2011 doorzet. Belangrijker dan de toename van het aanbod denkt ruim driekwart van de ondervraagden dat ook het aantal bedrijfsovernames beduidend meer zal zijn dan afgelopen jaar.
Over de gemiddelde verkoopprijs (transactiewaarde) die ondernemers bij hun bedrijfsverkoop ontvangen zijn de meningen verdeeld: 40 procent denkt dat de overnameprijzen zullen toenemen ten opzichte van 2010, maar 37,7 procent denkt dat de gemiddelde transactiewaardes niet gaan stijgen en 22,2 procent verwacht zelfs dat de prijs gaat zakken.

Verkopende ondernemers
De uitkomsten bevestigen dat de situatie op de overnamemarkt sinds vorig najaar flink is verbeterd. Het bedrijvenaanbod is op Brookz.nl sinds november vorig jaar met ruim twintig procent gestegen. Op basis van een recent rondje langs de grote overnamepartijen in deze markt schat ik in dat het aantal transacties in de eerste drie maanden van 2011 is verdubbeld ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar.'

Men ziet dat veel ondernemers de verkoop van hun bedrijf de afgelopen twee jaar hebben uitgesteld vanwege slechte resultaten en onzekere vooruitzichten. Qua timing was dat niet het beste moment om je bedrijf te verkopen. Nu de markt zich weer structureel herstelt, melden deze ondernemers zich weer massaal op de markt.

Buitenlandse kopers
Wat ook opvalt, is dat de ondervraagden verwachten dat er meer buitenlandse kopers op de Nederlandse MKB-overnamemarkt zullen zijn dan het afgelopen jaar. Bijna 70 procent van de betrokkenen op de overnamemarkt denkt dat er in 2011 meer Nederlandse MKB-bedrijven overgenomen zullen worden door buitenlandse partijen dan een jaar eerder. Daarbij verwachten de geënquêteerden dat de buitenlandse kopers vooral uit China, Duitsland en de Verenigde Staten komen.

Voor vragen kunt u mij bellen op 06 – 5799 8781 of mailen op martijn.boer@havendijk.nl


www.havendijk.nl


Met ruim 12 jaar praktijkervaring in bedrijfsovernames, bedrijfsfinancieringen en Corporate Finance, gecombineerd met mijn academische en bedrijfskundige achtergrond ben ik optimaal inzetbaar bij:

* bedrijfsfinancieringen incl. herstructuring en recovery
* bedrijfsoverdracht, overname en aankoop en verkoop bedrijf
* bedrijfswaarderingen
* strategische businessplannen
* business coach / klankbord voor de ondernemer

Ik ben lid van divers instanties, te weten: Brancheorganisatie Bedrijfsoverdracht Bemiddelaars (BOBB), Industriele Kring Gorinchem (IKG), VNO NCW West, Werkgevers Drechtsteden, Unitas Business Club, Meerbusiness en De Ronde Tafel Gorinchem.

Ik ben zelf ondernemer en met onze succesvolle aanpak scoren wij ondanks de crisis nog altijd 100% op de uitgewerkte financieringsaanvragen en bedrijfsoverdrachten!

Neem vrijblijvend contact op en bel 06 57 99 87 81.

SpecialtiesOndernemingsplannen, business cases, bedrijfswaardering ondernemingsstrategie, financieringsplannen, financieringsbehoefte, investeringsvraagstukken, bedrijfsfinanciering, bedrijfskrediet, recovery, revisies, liquiditeitstekorten, startplannen, bedrijfsovernames, acquisities, fusies, MBO's, MBI's, familiebedrijven, bedrijfsopvolging, doorstart, groei, expansie, MKB, interim management, management support, crisismanagement, reorganisaties, bedrijfskrimp. DGA's.

vrijdag 11 maart 2011

Waardebepaling van uw onderneming

Op basis van toekomstige verdiencapaciteit zijn er 2 methoden om de waarde van een bedrijf te bepalen.

1. Discounted cashflow (DCF)
De DCF-methode blikt naar de toekomst en dan met name, de naam zegt het al, naar de kasstromen. Dat is niet voor niks. Belangrijker nog dan de winst – wat ’slechts’ een boekhoudkundig begrip is en dus manipuleerbaar – is de cashflow van een onderneming. Want alleen als er voldoende middelen de onderneming binnenstromen, is deze in staat om aan zijn verplichtingen te voldoen. En cash is een objectief begrip.

Bij de DCF-methode worden toekomstige geldstromen in kaart gebracht, vaak voor een periode van drie of vijf jaar omdat die periode te overzien is. De jaren daarna wordt het bedrijf geacht stationair te draaien. Deze periode heet de ‘restperiode’. De kasstromen worden ingeschat op basis van het businessplan en alle andere relevante gegevens die van de onderneming bekend zijn. Voor ieder jaar worden de inkomende kasstromen verrekend met uitgaande geldstromen, waarbij de financieringslasten en dividenduitkeringen buiten beschouwing blijven. Op die manier wordt duidelijk hoeveel ‘vrije kasstromen’ overblijven om leningen af te lossen, rente te betalen en de aandeelhouders te belonen voor hun inspanningen. Vaak worden drie scenario’s opgesteld: een worst case, een normal case en een best case scenario.

De DCF-methode biedt duidelijke voordelen. Het gaat uit van de toekomstige situatie en alleen die is relevant voor een koper. Ook gaat de methode uit van kasstromen en niet van (manipuleerbare) winstcijfers. Richting banken is een DCF berekening waardevol omdat zij bij het toekennen van leningen veel belang hechten aan toekomstige cashflows. Een ander voordeel is dat op basis van een DCF-rapport een zinvolle discussie kan worden gevoerd over de uitgangspunten van een onderneming.

2. Financierbaarheid
Een ander vertrekpunt is niet de waarde van de onderneming, maar de financierbaarheid van de koopsom. Op basis van uw eigen middelen en de prognoses voor de komende jaren kan een ervaren intermediair prima inschatten hoeveel u ongeveer kunt lenen bij de bank. Hiermee heeft u een plafond tot waar u kunt gaan. Komt u tot ongeveer anderhalf miljoen euro, terwijl de vraagprijs drie miljoen bedraagt, dan hoeft u de onderhandeling niet eens te starten. Is het verschil een paar ton, dan is dit mogelijk uit te onderhandelen of te overbruggen door een achtergestelde lening van de verkoper. Een bank waardeert een bedrijf niet bij een financieringsaanvraag, maar let vooral op de cashflows: kunt u de rente en aflossing betalen? Als een bank niet bereid is te financieren is dat een indicatie dat de prijs weleens hoger zou kunnen zijn dan de daadwerkelijke waarde van de onderneming.


U kunt mij direct contacten op 06 57 99 87 81 o. Door mijn jarenlange ervaring en kennis van bedrijfsovernames en financieringen gecombineerd met mijn bedrijfskundige achtergrond, ben ik inzetbaar als adviseur bij bedrijfsovernames, financieringen, businessplannen en als klankbord voor u als ondernemer.

vrijdag 25 februari 2011

Financiering en het belang van diverse prognoses

In de regel berusten transacties tussen ondernemer en financier op een strakke planning, ambitieuze prognoses en boeteclausules voor het geval planning en prognose niet realistisch waren. Niettemin weten beide partijen dat de ontwikkeling van een onderneming tijd kost en dat prognoses - al dan niet gebaseerd op realistische aannames - niet zelden een al te optimistische inschatting zijn van de werkelijkheid. Bron Brooks.

Rendement
Het is gebruikelijk dat een aanvraag voor een bancaire financiering vergezeld gaat van een drie- tot vijfjarenplan. Hierbij gaat de ondernemer veelal uit van een voorspoedige gang van zaken, waarbij rente en schuld volgens plan worden afgelost. De bank hanteert dit positieve scenario als basis voor de kredietvoorwaarden, maar houdt voorzichtigheidshalve ook rekening met een minder positief draaiboek. Zodoende ontvangt de ondernemer een kredietofferte met convenanten of ratio's waaraan hij moet voldoen. Lukt dit niet, dan kan de bank aanvullende voorwaarden stellen dan wel het krediet opzeggen en zo nodig haar zekerheden uitwinnen.

De participatiemaatschappij die risicokapitaal verstrekt, neemt het optimistische meerjarenplan eveneens als basis. Net als de bank neemt zij in haar overeenkomst clausules op ter dekking van de risico's bij een minder gunstig scenario. Presteert de ondernemer volgens plan, dan realiseert de participatiemaatschappij een gezond rendement. Zoniet, dan kan een herverdeling plaatsvinden van het gerealiseerde rendement, waarbij de ondernemer het onderspit delft. Ook kan de participatiemaatschappij als extra beschermende maatregel het recht van ontslag van de directie bepalen.

Wat nu als het tij tegenzit? Krijgt de onderneming de tijd om zich te herstellen? In de meeste gevallen is dit niet het geval, want zowel de bank als de participatiemaatschappij hebben haast. De bank heeft belang bij tijdige aflossing omdat het krediet dat zij heeft verleend vaak niet volledig wordt gedekt door harde zekerheden. Bij veel participatiemaatschappijen geldt de verplichting dat de aandeelhouders binnen een bepaalde termijn worden terugbetaald. De duur van de participatie is dan afhankelijk van de (resterende) levensduur van het fonds. Met andere woorden, of de gewenste groei nu wel of niet heeft plaatsgevonden, de onderneming wordt verkocht.

Financiële prognose
Tegen deze race tegen de klok kan de ondernemer zijn bedrijf en zichzelf beschermen. Allereerst door middel van een realistisch meerjarenplan. Een ambitieuze prognose levert weliswaar gunstigere voorwaarden op in termen van lage rente of hoog aandelenbelang, maar het risico dat financiers strakke aanvullende voorwaarden stellen, neemt navenant toe. Voor de ondernemer vergroot dit de kans dat bij een tegenvallend bedrijfsresultaat de kosten hoger zijn dan de baten.

Ten tweede dient de ondernemer de ingrijpende consequenties van convenanten en aandeelhoudersafspraken niet te onderschatten. Het is dus raadzaam om zich goed te voorbereiden danwel een adviseur in de arm te nemen alvorens hierover bindende afspraken te maken. Immers, de partij aan de overzijde van de tafel is als geen ander thuis in deze materie.

Tot slot loont het de moeite om de organisatiestructuur en -cultuur van de financier te doorgronden: hoe zijn de belangen verdeeld en wat is de gebruikelijke handelwijze bij tegenvallende resultaten van een onderneming. Mijn advies: maak bij de keuze van een financieel partnership een goede kosten- batenafweging voor de lange termijn.

Voor vragen kunt u mij bellen op 06 – 5799 8781 Tevens ben ik een geregistreerde RAB® adviseur (www.rabregister.nl).

Met ruim 12 jaar praktijkervaring in bedrijfsovernames, bedrijfsfinancieringen en Corporate Finance, gecombineerd met mijn academische en bedrijfskundige achtergrond ben ik optimaal inzetbaar bij:

* bedrijfsfinancieringen incl. herstructuring en recovery
* bedrijfsoverdracht, overname en aankoop en verkoop bedrijf
* strategische businessplannen
* business coach / klankbord voor de ondernemer

Ik ben lid van divers instanties, te weten: Brancheorganisatie Bedrijfsoverdracht Bemiddelaars (BOBB), Industriele Kring Gorinchem (IKG), VNO NCW West, Werkgevers Drechtsteden, Unitas Business Club, Meerbusiness en De Ronde Tafel Gorinchem.

Ik ben zelf ondernemer en met onze succesvolle aanpak scoren wij ondanks de crisis nog altijd 100% op de uitgewerkte financieringsaanvragen en bedrijfsoverdrachten!

Neem vrijblijvend contact op en bel 06 57 99 87 81.

woensdag 23 februari 2011

Fase na de bedrijfsovername

Ondernemers die ooit een bedrijf hebben gekocht weten het: een bedrijfsovername begint pas echt wanneer de juridische overdracht is voltooid. De bedrijfsvoering en financiën moeten worden doorgelicht, klanten en leveranciers bezocht en de werknemers geïnformeerd. Veel van deze zaken zijn praktisch of commercieel van aard. Toch sta ik graag even stil bij de juridische kant van deze aspecten, en zeker in verhouding tot de overnameovereenkomst.

Managementstijl
Vaak heeft de Verkoper garanties afgegeven over zaken die na de overdracht onder de verantwoordelijkheid van de Koper vallen. Hierbij kun je denken aan bijvoorbeeld het aanblijven van klanten of essentiële personeelsleden. Als een klant of werknemer na de overname aangeeft te willen of zullen vertrekken, is een Koper vaak te druk met het ontwikkelen van het recent gekocht bedrijf om de onder druk staande relatie met de klant/werknemer de aandacht te geven die deze op dat moment verdient.
En een Koper zal al helemaal geen tijd hebben om deze ontwikkelingen met de Verkoper te delen of te bespreken. In een eventuele juridische procedure, kan dit gebrek aan nazorg een Koper duur komen te staan.
Wanneer de gerezen situatie resulteert in een daadwerkelijk vertrek van de klant/werknemer, zal een Koper - daarbij ingefluisterd door zijn kostbare adviseurs - in die situatie wel onmiddellijk bij de Verkoper op de stoep staan om de geleden schade vergoed te krijgen. Het gevolg: een eindeloze, zeer kostbare en niet te winnen discussie over de reden van vertrek. Lag het aan de overname zelf, of aan de stijl van managen van de Koper?

Bedrijfsoverdracht
Het beste advies: behandel je wederpartij zoals je zelf behandeld zou willen worden. Een Verkoper wordt over het algemeen graag betrokken bij de overdracht van de bedrijfsvoering, een bezoek aan een belangrijke klant of een gesprek met een essentiële werknemer. Een Koper zal hier zeker om moeten vragen om de Verkoper in de gelegenheid te stellen zijn schade te beperken. Een Koper wordt daarentegen graag in zijn waarde gelaten ten aanzien van de zakelijke keuzes die hij maakt. Een Verkoper zal dit moeten respecteren. Als deze gesprekken vervolgens goed worden vastgelegd, ontstaat een veel betere uitgangspositie in een eventuele procedure.

Kortom, blijf na de overname in gesprek met je wederpartij. Het verkleint de kans op schade, verbetert je positie in een eventuele procedure.

U kunt mij direct contacten op 06 57 99 87 81 of martijn.boer@havendijk.nl

www.havendijk.nl

donderdag 10 februari 2011

Eigen inbreng bij Management Buy Out

Inzetten van uw eigen middelen voor de overname is onontkoombaar. Als u zelf al niet bereid bent om risico’s te lopen, waarom zou een bank het dan wel doen? Banken, maar ook andere financiers en investeerders, willen dat u maximaal commitment toont. Ze willen dat u pijn lijdt als het misloopt, want alleen dan zult u zich maximaal inspannen om van het overgenomen bedrijf een succes te maken.Een koper die zich niet financieel committeert, kan zomaar in de verleiding komen om een leuke baan in loondienst te aanvaarden en zijn bedrijf vaarwel te zeggen. Financiers en investeerders hebben daar vanzelfsprekend geen trek in.

De hoogte van de eigen inbreng is relatief. Een koper die met het omkeren van het spaarvarken van zijn kinderen en met de spreekwoordelijke overwaarde op de caravan 50.000 euro bij elkaar sprokkelt en bereid is dit volledig in te zetten, zet meer op het spel dan een koper die een miljoen op z’n rekening heeft staan en maar een ton wil investeren. Geen enkele bank zal een koper helemaal leeg willen schudden, maar een koper zal wel een significant deel van zijn vermogen moeten inzetten.

De eigen middelen zijn meestal niet noodzakelijk om de transactie rond te krijgen. Doorgaans brengen kopers tussen de 50.000 en 200.000 euro aan eigen geld in. Op een overnamesom van vijf miljoen is dat een klein bedrag. De praktijk leert dat een bank bij een heel mooie deal bereid is om van de eigen inbreng af te zien, maar dit is echt een uitzondering. De belangrijkste bronnen voor de eigen inbreng zijn:

* spaarrekeningen
* aandelenpakketten
* de overwaarde op de eigen woning.

U kunt mij direct contacten op 06 57 99 87 81 of martijn.boer@havendijk.nl

maandag 24 januari 2011

Veel boeren willen hun bedrijf verkopen

Strenge eisen aan varkensbedrijven en het verbod op legbatterijen brengen veel boeren in de problemen en dat heeft zijn weerslag op de markt van agrarisch onroerend goed.
Dat meldt NVM Agrarisch & Landelijk Vastgoed in een rapportage over de tweede helft van het afgelopen jaar. Het aantal verkopen en de prijzen bleven al met al stabiel, maar dat verschilt per sector. Voor dit jaar verwacht NVM een rustige markt. Nieuwe eisen aan pluimveebedrijven gaan volgend jaar in en nieuwe eisen aan varkensbedrijven in 2013. Boeren moeten hun stallen aanpassen, maar veel van hen kunnen die investering niet opbrengen en proberen hun bedrijf te verkopen.

Problemen
Volgens Harry Boertjes van de NVM is het lastig aan te geven hoeveel agrariërs in de problemen komen. Het aanbod van varkensbedrijven bij de NVM is in een jaar tijd opgelopen van 48 naar 82.
Rendabele melkveebedrijven spelen in op het afschaffen van de melkquota in 2015 en hebben vaak plannen om uit te breiden. Grond in de omgeving van deze boeren is in trek. Het aanbod van woonboerderijen is de afgelopen vier jaar vrijwel verdubbeld van 2042 naar 4020 eind afgelopen jaar.

Natuurgebieden
Het nieuwe kabinet heeft aangekondigd dat het geen geld meer over heeft voor de aankoop van grond voor verbindingszones tussen natuurgebieden. De NVM verwacht dan ook een ''zeer beperkte rol'' van de overheid op de markt. Ook gemeenten en projectontwikkelaars zijn nu terughoudend met het uitkopen van agrariërs.

Volgens de NVM wordt steeds meer agrarisch onroerend goed alleen verkoopbaar als gemeenten bereid zijn bestemmingsplannen te wijzigen en bijvoorbeeld een woonfunctie willen geven aan agrarische gebouwen. Bron NVM Agrarisch & Landelijk Vastgoed.




U kunt mij direct contacten op 06 57 99 87 81 of martijn.boer@havendijk.nl

www.havendijk.nl

donderdag 20 januari 2011

Flexibiliteit cruciale factor bij waardering bedrijven

Flexibiliteit cruciale factor bij waardering bedrijven.

De waarde van ondernemingen wordt onder andere bepaald door de weging van zogenaamde risicofactoren. De recente economische crisis heeft ervoor gezorgd dat een aantal van die risico’s meer dan ooit reëel zijn geworden. Reden voor BDOCF om het standaard waarderingsmodel opnieuw onder de loep te nemen. Aan de hand van een enquête die werd ingevuld door meer dan 150 Nederlandse waarderingsexperts maakte BDOCF een aantal fundamentele aanpassingen in het model. Zo ontdekten ze zelfs een nieuwe risicofactor: de factor flexibiliteit. Een juiste waardering van een onderneming is vooral ten tijde van een overname van cruciaal belang.

De nieuwe factor flexibiliteit
Het onderzoek onder waarderingsexperts toonde aan dat er een geheel nieuwe risicofactor aan het model moet worden toegevoegd. Juist in deze tijden is het voor ondernemingen van belang om flexibel te zijn en dus snel te reageren op veranderende marktomstandigheden. Flexibele ondernemingen zijn in staat in slechte tijden snel hun productie te verlagen en juist weer op te voeren in een aantrekkende markt. Daarnaast zijn ze in staat snel in te springen op nieuwe trends en noviteiten. De mate van flexibiliteit kan worden geïdentificeerd aan de hand van de kostenstructuur. Ondernemingen met hoge vaste kosten zijn vaak minder goed in staat snel productie te verminderen zonder dat dit gepaard gaat met aanzienlijke extra kosten. Ook kan gelet worden op de aanwezigheid van contracten die afname en leveranties afdwingen. Ten slotte is de opbouw van het personeelsbestand (hoeveelheid vaste werknemers versus uitzendkrachten) ook een belangrijke indicator voor de flexibiliteit van de onderneming.

Overige factoren onverminderd belangrijk
Naast de nieuwe risicofactor is uit het onderzoek gebleken dat de overige zes reeds bekende risicofactoren, zoals de afhankelijkheid van management, afnemers en leveranciers, nog steeds in belangrijke mate van toepassing zijn. Een onderneming die in sterke mate afhankelijkheid is van één persoon, loopt risico als deze persoon onverhoopt wegvalt. Ditzelfde geldt voor afnemers en leveranciers. Bij kleinere ondernemingen zullen deze afhankelijkheden over het algemeen groter zijn dan bij grotere ondernemingen. Overige belangrijke risicofactoren zijn het hebben van een goed track record, spreiding van ondernemingsactiviteiten en toetredingsbarrières tot de markt waarin de onderneming opereert. Indien het een ondernemer lukt om deze risicofactoren te beperken, zal dit een positief effect hebben op de waarde van de onderneming.

U kunt mij direct contacten op 06 57 99 87 81 of martijn.boer@havendijk.nl

www.havendijk.nl